Normaalvector Commando

Uit GeoGebra Manual
Ga naar: navigatie, zoeken
Accessories dictionary.png
Deze pagina is een deel van de officiële handleiding en kan niet aangepast worden. Graag fouten melden per e-mailKies een versie die kan aangepast worden door gebruikers
Normaalvector( <Rechte> )
Geeft de normaalvector van de rechte.
Voorbeeld:
Rechte( (1, 4), (5, -3) ) is een rechte j. Normaalvector( j ) geeft de normaalvector u=(7, 4) van de rechte j.
Nota: Een rechte met als vergelijking ax + by = c heeft als normaalvector (a, b).
Normaalvector( <Lijnstuk> )
Geeft de normaalvector van het lijnstuk met dezelfde lengte.
Voorbeeld:
Lijnstuk( (3, 2), (14, 5) ) is een lijnstuk k. Normaalvector( k ) geeft de normaalvector u=(-3, 11) van het lijnstuk k.
Normaalvector( <Vector> )
Voorbeeld:
Vector( (-12, 8) ) is een vector u. Normaalvector( u ) geeft de normaalvector v=(-8, -12) van de vector u.
Nota: Een vector met coördinaten (a, b) heeft als normaalvector (-b, a).
Normaalvector( <Vlak> )
Geeft een normaalvactor van het vlak.
Voorbeeld:
Normaalvector( xOyvlak ) geeft de normaalvector u=(0, 0, 1) van het xOy vlak.

CAS venster

Normaalvector( <Vector> )
Geeft de normaalvector van de gegeven vector.
Voorbeeld:
  • Normaalvector((3, 2)) geeft de vector {-2, 3}.
  • Normaalvector((a, b)) geeft de vector {-b, a}.
Nota:
Zie ook het commando Eenheidsnormaalvector Commando.
© 2021 International GeoGebra Institute